dinsdag 9 mei 2017

06 t/m 08-05-2017: DB voorjaarsweekend 2017

Nog niet helemaal uitgeslapen Kokmeeuw in de veerhaven van Den Helder.
Dag 1: zaterdag 06-05-2017
Vanmorgen om kwart over vijf moest ik opstaan om met de trein om halftien in Den Helder te kunnen zijn. Compleet achterlijk eigenlijk, dat je tegenwoordig vanuit hier drie uur en vijf minuten onderweg bent, waar dat vóór de laatste wijziging in de dienstregeling van NS nog krap twee-en-een-half uur was. Maar goed, het moest allemaal gebeuren, want de route via Dordrecht was wegens werkzaamheden ook nog eens afgesloten en we moesten naar het Dutch Birding Voorjaarsweekend op Texel. Gelukkig arriveerde ik zonder verdere vertraging in Den Helder. Mijn vrienden Koert en René kwamen een paar minuten na mij aan. Op naar de veerboot die, ook al zo prettig, vijf minuten na aankomst van mijn trein vertrekt, zodat we weer bijna een uur moesten wachten op de boot van halfelf.
Gelukkig waren er een Kokmeeuw die zich mooi liet fotograferen en een Noordse Kauw die dat ook wilde en die bovendien een leuke jaar-ondersoort was.
Noordse Kauw in de veerhaven van Den Helder.
Nadat ik mijn eerste jaarsoort had gescoord in de vorm van een overvliegende Grote Stern, die we later op Texel uiteraard nog uitgebreid konden bewonderen, besloten we voor een broodnodige bak koffie te gaan bij het koffietentje ter plekke.
Om halfelf vertrok dan eindelijk de boot, en in de tijd die ik nodig had om op Texel te komen, had ik dus ook naar Marokko of Turkije kunnen vliegen. Anyway, tijdens de overtocht werden we verrast door meerdere groepjes naar noord trekkende Dwergmeeuwen. Ook diverse Eiders lieten zich zien.
Eenmaal op Texel was de eerste bestemming het NIOZ, waar op het buitenveldje een Zwarte Rotgans zou zitten. Toen wij er arriveerden was er echter geen enkele rotgans van welke soort dan ook te bekennen, dus snel verder, naar de kijkhut bij Dijkmanshuizen, waar een Grauwe Franjepoot was gemeld. Helaas was ook die onvindbaar. Wel zat er een grote groep Kemphanen, waaronder schitterend gekraagde haantjes, en mijn volgende twee jaarsoorten: Temminck's Strandloper en Rosse Grutto.
Kemphanen bij Dijkmanshuizen.
We reden verder langs de oostkant van het eiland, waar iets verderop een grote groep Rotganzen zat, waar ik in no time een fraaie Witbuikrotgans tussenuit viste. Een fijne jaarsoort! Op naar de Muyweg dan, waar een groep van tien Morinelplevieren zou zitten. Altijd een uitdaging, die Morinellen, want hoewel je zou verwachten dat zulke fraai gekleurde vogels nogal opvallen op de kale akkers die ze prefereren, is het tegendeel het geval. Meestal zitten ze ver weg, onder tegenlicht en/of verstopt of gedrukt. Dat laatste was ook ditmaal het geval, maar desondanks vond ik vrij snel de eerste, en telden we er uiteindelijk zeven. Dat vonden we wel genoeg Morinel, dus op naar de bij het Renvogelveld gemelde Draaihals. De situatie daar was echter tamelijk hopeloos: de Draaihals was al een tijd niet meer gezien. Toch was dit uitstapje niet vergeefs, want we konden genieten van schitterende mannetjes Noordse - en Engelse Kwikstaarten, beide jaarsoorten, die over het Renvogelveld trippelden.
Nu was het de hoogste tijd voor een kop koffie en de traditionele lunch bij De Robbenjager. Even uitblazen. Maar niet te lang, want de Beflijsters die in de Tuintjes zouden huizen, waren ons volgende doel.
Mannetje Beflijster in de Tuintjes.
Met behulp van een oudere dame vonden we uiteindelijk twee fraaie Beflijsters (man en vrouw), die zich langdurig door ons lieten bewonderen. Natuurlijk wel van afstand, zoals we dat gewend zijn van die beesten. Intussen kregen we de tip dat bij het tweede complex een paar Paapjes zouden zitten, dus gingen we er op af. Het kostte weinig moeite om ze allebei te vinden. Altijd weer een fijne jaarsoort, het Paapje. Ik hoorde nog een Boompieper roepen, en ook die was nog een jaarsoort voor mij.
Vandaag werd ik gek van het aantal meldingen via de appgroep die speciaal voor dit weekend in het leven was geroepen. Toch steeds maar even kijken natuurlijk en zo kwam er een melding van een Roodstuitzwaluw die aan het einde van de Krimweg naar noord vliegend was gezien. Nu was er sprake van zware zwaluwentrek en aan alle kanten vlogen ons constant vele tientallen zwaluwen (vooral Boertjes) voorbij. Ik stelde voor om op een hoog duin te gaan staan en zodoende te proberen de Roodstuit op te wachten. Zo gezegd zo gedaan en verdraaid: na een minuut of vijf zie ik hem toch ineens aan komen vliegen! Gelukkig konden ook Koert en René hem oppikken en volgde er totale euforie. Wat een heerlijke soort en wat een manier om hem binnen te halen!
Kokmeeuw in de veerhaven van Den Helder.
Er werden twee Steltkluten gemeld, die eerst nogal vliegerig waren, maar uiteindelijk rustig ter plekke bleven op de Westerkolk. Steltkluten zijn altijd leuk en ze waren bovendien nog een jaarsoort voor mijn metgezellen, dus er op af! Het duurde even voordat we de juiste plek hadden gevonden, maar toen waren de beide Steltkluten ook vlot opgesnord. Ook stapte er nog een Bosruiter rond en een prachtige Zwarte Ruiter in zomerkleed.
Op naar ons volgende doel: de Geoorde Fuut van het westelijk Horsmeertje. Intussen zaten we er al aardig doorheen, maar we namen ons voor om tot het gaatje te gaan teneinde zoveel mogelijke leuke - en jaarsoorten binnen te slepen. De Geoorde Fuut dwong ons om helemaal naar de achterkant van het meertje te lopen, maar toen konden we hem, ondanks het feit dat het licht niet optimaal was, heel aardig zien.
Overigens was het het hele weekend overwegend droog, soms zonnig en soms bewolkt en tamelijk koud weer.
Een van de Steltkluten van de Westerkolk.
We keken nog even in de Mokbaai, en omdat intussen de Grauwe Franjepoot weer was gemeld bij Dijkmanshuizen, gingen we daar weer op af. En ja hoor, deze keer zat -ie er. Weliswaar ver weg, maar duidelijk herkenbaar aan zijn nerveus rondtollende gedrag. Het beestje was fraai in zomerkleed.
Zo, dachten we, nu is het wel mooi geweest voor vandaag. Maar dat was het niet, want er werd een Draaihals gemeld uit de Tuintjes. Dus reden we daar maar weer naartoe. Helaas zou de Draaihals de dipsoort van de dag worden, want hoewel we erbij stonden toen hij diep in een struik werd teruggevonden, kregen wij hem niet op tijd in de kijker. Koert en René zagen hem nog wegvliegen, ik zag helemaal niks. Jammer, maar niets aan te doen; ook dat hoort erbij. Gelukkig werd de pijn nog een klein beetje verzacht door een fraai wijfje Blauwe Kiekendief dat laag boven de duinen vloog.

Dag 2: zondag 07-05-2017
Zilvermeeuw, duintjes bij het Renvogelveld.
Om een uur of zes stonden we op vandaag, vast van plan om er weer een lange, productieve dag van te maken. Onze eerste doelsoort was de Zomertortel van het Oude Krimbos. Zoals gewoonlijk hadden we die snel te pakken. Een mannetje zong constant en bovendien liet een paartje tortelduifjes zich deze keer erg fraai zien, terwijl het mannetje met opgezette veren al koerend baltste voor het vrouwtje. Erg leuk! Op de achtergrond, in de verte, hoorden we een Koekoek.
Dan op naar de tuintjes. We hoopten dat de Draaihals was blijven hangen, en gezien het weer (stevige NW wind en zwaar bewolkt), leek die hoop realistisch. Maar ondanks dat we met een paar andere vogelaars goed zochten, kwam hij er niet uit. Wel vonden we weer een Paapje en een mooie Beflijster en zongen onder meer Roodborsttapuit, Grasmus en Braamsluiper.
Fazant op het veld achter de Tuintjes.
Na het ontbijt probeerden we de Fluiter die een stukje zuidelijk van ons hotel Molenbos was gehoord in het Krimbos. Langere tijd luisteren leverde welgeteld één zangstrofe op, maar het was genoeg om de soort op mijn jaarlijst te krijgen.
We reden naar Ottersaat, omdat in die omgeving de kansen op jaarsoorten het hoogst leken. We speurden Ottersaat af op Noordse - en Dwergsterns, maar vonden ze niet. Wel wat Steenlopers in zomerkleed, altijd leuk om te zien. Dan de hut maar weer proberen. Hier was het weer erg leuk vogelen. De Grauwe Franjepoot liet zich opnieuw zien, evenals de vele Kemphanen en enkele Temminck's Strandlopers. Koert ontdekte heel knap een fraaie Noordse Stern, en even later bleken er zelfs twee te zitten. Dat was een mooie opsteker, want die soort blijkt altijd weer lastig te zijn, zelfs op Texel. René vond een Kleine Strandloper, en ook met deze jaarsoort waren we erg blij. Vermeld moet ook worden dat het eiland dit weekend was vergeven van de Regenwulpen, die vrijwel constant te horen en/of te zien waren. Erg leuk!
Visdief bij Ottersaat.
We probeerden Dwergsterns te vinden bij de Volharding, maar dat lukte niet. We liepen een eindje bij Dorpzicht, maar daar bleek het Spotvogelbosje vrijwel compleet gekapt te zijn. We probeerden de gemelde Wielewaal van het Krimbos te vinden, maar hoewel Koert hem zag vliegen, zong de vogel niet eenmaal en bleef hij voor René en mij verborgen. Wel zagen we er een fraai (zwart) mannetje Bonte Vliegenvanger.
Het was intussen alweer lunchtijd en we kregen het gevoel dat de boel dreigde stil te vallen. Er kwamen ook weinig meldingen uit het veld vandaag. We besloten na de lunch om de Dwergstern te gaan zoeken in Utopia. We liepen er helemaal tot aan het einde, maar vonden ze niet. Wel hoorden en zagen we Kleine Karekiet en Bontbekplevier voor de jaarlijsten van mijn metgezellen. Net toen we de moed opgaven, omdat we zowat weer terug bij de ingang waren, kwamen er ineens twee Dwergsterns bijzonder fraai over ons heen gevlogen! Jippie! Die opsteker konden we goed gebruiken op dat moment.
Mannetje Kneu in de Tuintjes.
Met hernieuwde moed stortten we ons op de volgende lastige soort: een Bonte Kraai, die aan de rand van een camping werd gemeld bij de zogenaamde Seetingsnollen. Gelukkig bleek de route eenvoudiger dan hij er aanvankelijk uit zag en hoefden we minder lang te lopen dan ik tevoren dacht. Onderweg liet een Tapuit zich leuk fotograferen en gelukkig zag René de Bonte Kraai na niet al te lange tijd speuren op een heuveltje zitten, waarna de vogel zich een tijdje mooi liet bekijken. Dat gaf de vogelaar weer moed!
Zilvermeeuwen bij de Seetingsnollen.
Hoewel we intussen behoorlijk afgedraaid waren, gingen we door tot het gaatje. De Spotvogel van Dorpzicht was er dan weliswaar niet, maar langs de Burgerdijk bij Waal en Burg zat er wel eentje te zingen. Hoewel het al aan het einde van de middag was en er intussen een onaangename, harde wind stond, zat de vogel nog te zingen. Jammer was wel dat hij behoorlijk ver weg zat en dus niet in de kijker kwam. Maar hij stond weer op de jaarlijst.
Mannetje Bonte Vliegenvanger in het Krimbos.
Nu waren we echt toe aan een uurtje rust, en daarna gingen we vroeger dan normaal eten om in de schemer bij het Grote Vlak te kunnen zijn, waar al een paar nachten lang een Porseleinhoen zat te roepen. Toen we ernaartoe reden begon het te motregenen, en de wind was nog steeds noordelijk en hard, zodat de omstandigheden niet bepaald optimaal waren. Toen we ter plaatse kwamen was het nog rustig, al riepen er vele tientallen, zo niet honderden Rugstreeppadden. Maar na een stief kwartiertje wachten begon het Porseleinhoen dan toch te roepen! De vogel zat tamelijk dichtbij en we konden hem vanuit de auto luid en duidelijk horen. We wilden er nog wel even uit gaan, maar het weer was zo akelig dat we besloten om terug naar het hotel te rijden. De soort zat in de tas, en te zien zouden we hem toch niet krijgen.
Mannetje Tapuit bij de Seetingsnollen.
Dag 3: maandag 08-05-2017
De laatste dag brak alweer aan en dat deed hij - wat een genot! - met de melding dat de Ortolaan, die gisteravond bij Redoute was gevonden, nog aanwezig was. Nog voor het ontbijt reden we daar natuurlijk naar toe. Helaas was de vogel toen wij ter plaatse aankwamen juist in de onoverzichtelijke tuin van een boerderij gevlogen. Dat werd afwachten, hopen en bidden. Het duurde lang, erg lang, maar uiteindelijk zag iemand de vogel komen aanvliegen. Hij ging (te) kort in een boom boven ons zitten, vloog toen door naar de struiken langs de weg en vandaar het hoge gras langs de weg in. De verwachting was dat de Ortolaan nu, zoals hij blijkbaar gewoon was te doen, snel op de weg zou verschijnen, maar dat viel vies tegen.
Ortolaan bij Redoute.
Gelukkig, na ons geduld vreselijk op de proef te hebben gesteld zat de vogel toch ineens op de weg, en toen liet hij zich ook langdurig en bijzonder fraai bekijken. Wat een heerlijke soort!
Later dan gepland gingen we aan het ontbijt, en daarna weer het Krimbos in, waar echter weer geen Wielewaal te horen was. We besloten over zee te gaan kijken bij paal 15, aan de Westerslag. Er stond weer een stevige NW bries, en dat kan altijd iets leuks opleveren. Ditmaal waren dat drie fraaie adulte Jan-van-genten die naar noord vlogen. Ook vlogen er enkele Zwarte Sterns, Eiders en Zwarte Zee-eenden, maar een jaarsoort voor mij zat er niet in. Wel liet zich een Stormmeeuw leuk fotograferen.
Er werd nog weer een Wielewaal gemeld in een bos langs de Westerslag, maar hoewel we een paar verre riedels hoorden die mogelijk van deze soort afkomstig waren, kregen we het geluid niet overtuigend te horen. We besloten nog even de Zwarte Roodstaart van het Horntje te proberen en dan huiswaarts te gaan. De roodstaart lukte ook niet, maar gelukkig konden we direct de boot op en om vier uur was ik, na een lange reis, weer thuis. Het was weer een prachtig (lang) weekend geweest.
Stormmeeuw bij paaltje 15.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen